NPO Radio 1

Zondag van 7 uur tot 10 uur

NPO2

Vrijdag om 19.35 uur

  • Bibi Dumon Tak: brulkikker

    bibi.jpg

    Ik krijg tijdens schoolbezoeken veelvuldig de vraag voorgelegd wat mijn lievelingsdier is. Het antwoord wisselt per bezoek, omdat er altijd maar nieuwe lievelingsdieren voorbijkomen. Want wie blijft lezen, blijft ontdekken.
    De volgende vraag die me tijdens lezingen wel eens wordt gesteld is welk dier ik zelf zou willen zijn. Dat antwoord wisselt ook nogal eens. Zo had ik tijdens de hitte van de afgelopen tijd graag een zeehond willen zijn. En morgennacht, wanneer de sterrenregen op z’n sterkst is, zou ik graag een gierzwaluw zijn om hoog in de lucht de Perseïden van dichtbij voorbij te kunnen zien razen. Maar laatst kreeg ik van een volwassene de volgende vraag voorgelegd: niet welk dier ik zou willen zijn, maar welk dier ik was.

    ‘Nou,’ zei ik, ‘heel gewoon, ik ben een mens.’ Maar dat bedoelde mijn gesprekspartner natuurlijk niet. Hij bedoelde welk ánder dier ik naast mijn menszijn door de aderen voelde stromen. Nou, dat was wel even een vraag.  ‘Heb je even?” vroeg ik hem. De vragensteller zelf was een wolf, dat wilde hij alvast wel verklappen. Ik dacht direct: wegwezen, want wolven zijn schitterend, maar je moet ze niet in huis halen. ‘Sommigen,’ ging mijn gesprekspartner verder, ‘vinden zichzelf een paard.’ ‘Aha,’ zei ik welwillend. ‘Dat zijn laffe mensen,’ ging hij verder, ‘want paarden vluchten voor alles.’ Eerlijk gezegd voelde ik me bij deze man ook een paard, maar goed, het ging er dit keer niet om welk dier ik graag wilde zijn, maar welk dier ik wás.

    Zijn vraag mondde uit in een zoektocht die tot op de dag van vandaag voortduurt. Mijn probleem, en misschien ook dat van u vroegevogelaar, is: we kennen te veel diersoorten. We komen er daardoor niet uit: wordt het in het geval van een kiekendief, de blauwe, de grauwe, de bruine, danwel de steppenkiekendief?

    Inmiddels heb ik mijn zoektocht ook uitgebreid naar anderen. Zouden er bijvoorbeeld mensen zijn die zichzelf herkennen in een teek? Ik kan er wel een paar aanwijzen, hoor, maar het gaat niet om mij hè? Je moet de vraag zelf beantwoorden.
    Of dat er iemand is die zegt: ik ben een eikenprocessierups. Iemand van wie je jeuk krijgt. Ik ken een politicus die het zou kúnnen zeggen, maar die heeft het zelf dan weer liever over uilen. Politici zijn sowieso leuk om dit spelletje mee te spelen, al wordt het ook wel saai. Het stikt er namelijk van de hengelvissen in de hofvijver. Die zwemmen met mooie lichtjes door de Haagse diepzee, maar als je er als dwalende bij in de buurt komt ontmoet je achter dat veilige lampje een vraatzuchtig gat.

    En dan die ene voetbalanalist. Hij was laatst aan het woord in de aangrijpende documentaire van Ellie Lust: Ellie aan de verkeerde kant. Hij bleef telkens maar hetzelfde giftige riedeltje herhalen. Toen wist ik direct: ja, hier is ontegenzeggelijk de Lithobates Catesbeianus aan het woord. Dit amfibie wordt in de boeken omschreven als een van de ergste invasieve exoten wereldwijd. Je herkent hem aan zijn vlekkenpatroon en zijn lege blik. Zijn roep is voornamelijk in juni en juli te horen. Deze stierkikker, ook wel brulkikker genoemd, dankt zijn naam aan zijn roep, omdat hij klinkt als een rund. Zou iemand zich in dit dier herkennen? Ik vrees dat het de analist in kwestie ontbreekt aan een goed zelfbeeld.

    Nee, geef mij de kleurrijke regenbooglori’s, die vrolijke papegaaitjes die vredig van vruchten en nectar leven. Sociaal, nieuwsgierig, en godzijdank nog niet bedreigd. Ikzelf kies voorlopig nog even voor de eekhoorn, maar misschien ga ik daarna in transitie, omdat je nu eenmaal altijd mag zijn wie je bent.

Media